ATO
Ook bekend als: aanvullende aangifte, inschrijving in de administratie
Een ATO is de aanvullende aangifte bij inschrijving in de administratie. Je schrijft de zending bij binnenkomst in je eigen administratie in, de goederen worden vrijgegeven op basis van die inschrijving, en de volledige aangifte volgt binnen de termijn van de vergunning.
Wat is een ATO en wat is inschrijving in de administratie?
Inschrijving in de administratie is een vereenvoudiging: je brengt de goederen aan door ze in je eigen administratie in te schrijven, zonder per zending vooraf een volledige aangifte in te dienen. De Douane geeft vrij op basis van die inschrijving. Achteraf dien je de ATO in, de aanvullende aangifte met de volledige gegevensset, over de inschrijvingen van de afgesproken periode. ATO is in DMS die aanvullende aangifte. Het is geen aangifte tot tijdelijke opslag. Tijdelijke opslag is een andere regeling, met een eigen termijn na aanbrenging in de haven, en loopt niet onder deze naam. Wie ATO en tijdelijke opslag door elkaar haalt, dient de verkeerde soort in of mist de vergunning die de vereenvoudiging draagt. De ATO is in EU-termen de aanvullende aangifte bij entry in the records. IMA is de gewone invoeraangifte met de volledige set vooraf. STO is plaatsing in entrepot. ATO is de inhaalstap ná vrijgave op de inschrijving. Die volgorde is het hele punt: eerst de inschrijving en de vrijgave, daarna de volledige aangifte.
Wanneer mag je met een ATO werken?
Alleen met een vergunning inschrijving in de administratie. Die vergunning hangt aan je EORI-nummer, beschrijft welke goederen en welke locaties eronder vallen, en stelt eisen aan de administratie. In de regel heb je ook de AEO-status nodig, omdat de Douane vrijgeeft zonder de zending vooraf te hebben gezien. Zonder die vergunning bestaat de ATO niet als werkwijze. Je kunt in DMS geen aanvullende aangifte indienen over inschrijvingen die de Douane niet als vereenvoudiging heeft toegestaan. Een IMA per zending blijft dan de enige weg naar het vrije verkeer, of een STO als je in entrepot plaatst. De vergunning bepaalt ook de periode. Vaak is dat kalendermaand: alle inschrijvingen van maart gaan in de ATO die je in april indient. Soms is de termijn korter, in dagen na de inschrijving. Wat in de vergunning staat, is de harde termijn. Een ATO die te laat komt, is een vergunningvoorwaarde die is geschonden, niet alleen een late aangifte.
Wanneer ontstaat de douaneschuld bij inschrijving?
De douaneschuld ontstaat op het moment van inschrijving in de administratie, niet op het moment waarop je later de ATO indient. Rechten, btw en de wisselkoers horen bij dat eerste moment. Wie de koers van de dag van de ATO gebruikt, rekent met de verkeerde maand, en bij een koerssprong aan een maandgrens is dat een structurele afwijking. Dat maakt de inschrijving tot het fiscale moment. De ATO is de mededeling aan de Douane van wat er toen is ingeschreven, niet het ontstaan van de schuld. Een inschrijving die je in maart doet en in april aangeeft, draagt de koers, het tarief en de maatregelen van maart. Codes die op 1 april wijzigen, gelden niet voor die inschrijving. Daarom moet de administratie de inschrijving vastleggen met datum, tijd, goederencode, waarde, oorsprong en hoeveelheid, op het moment zelf. Een lijst die je aan het eind van de maand uit het WMS trekt en dan pas van codes voorziet, is geen inschrijving. Het is een reconstructie, en bij een controle houdt die geen stand.
Hoe dien je de aanvullende aangifte in en wat is de termijn?
Je bundelt de inschrijvingen van de periode tot één of meer ATO's in DMS. Elke regel moet herleidbaar zijn tot een inschrijving: dezelfde code, dezelfde waarde, dezelfde hoeveelheid. De ATO draagt de vergunning, het EORI-nummer van de importeur en de vertegenwoordigingsvorm. Sluit de vergunning niet aan, dan weigert DMS de aangifte. De termijn staat in de vergunning. Gangbaar is indiening uiterlijk de tiende dag van de maand na de inschrijvingsmaand, maar dat is geen algemeen wettelijk vast getal dat je blind kunt overnemen. Wat jouw vergunning noemt, is leidend. Overschrijding is een bevinding op de vergunning, en herhaalde overschrijding zet de vereenvoudiging zelf op het spel. De ATO kan meerdere zendingen dekken. Dat is de winst: je tikt niet per container een volledige IMA, je haalt de periode in één keer in. De keerzijde is dat een fout in de stamgegevens zich over de hele maand herhaalt. Een verkeerde goederencode op een artikel dat dertig keer is ingeschreven, is dertig keer dezelfde fout in één ATO.
Hoe toetst de Douane de aansluiting achteraf?
De Douane toetst of de ATO optelt tot wat er is ingeschreven, en of de inschrijving optelt tot wat er fysiek is binnengekomen. Drie lagen: de fysieke goederen, de administratie, de aanvullende aangifte. Elke laag moet de vorige verklaren. Een container op het terrein zonder inschrijving, of een inschrijving zonder regel op de ATO, is een gat. Bij een controle vraagt de Douane de inschrijvingen van een periode, de onderliggende documenten (factuur, packing list, vervoersdocument) en de ATO's die daarover zijn ingediend. Ontbreekt een brondocument, of wijkt het gewicht op de packing list af van de inschrijving, dan is dat een bevinding, ook al is de ATO al aanvaard. Aanvaarding van de ATO is dus geen eindstation. Het is de mededeling. De toetsing gebeurt achteraf, op de administratie die de vereenvoudiging mogelijk maakte. Wie de inschrijvingen niet dagelijks bijhoudt en ze vlak voor de ATO reconstrueert, merkt dat pas bij die toets, maanden later, als de chauffeur en de papieren weg zijn.
Wat is het verschil tussen ATO, IMA en STO?
IMA is de gewone invoeraangifte met de volledige gegevensset vóór vrijgave. De Douane ziet de zending administratief voordat de goederen het vrije verkeer in mogen. STO is plaatsing in entrepot: geen heffing, geen vrije verkeer, wel een inslag in de entrepotvoorraad. ATO is de aanvullende aangifte ná vrijgave op inschrijving in de administratie. De drie soorten lopen alle drie via DMS, en de gegevensset van de ATO lijkt op die van de IMA. Het verschil is het moment. Bij IMA en STO is de aangifte de voorwaarde voor de volgende stap. Bij ATO is de volgende stap (vrijgave) al geweest, en haal je de gegevens in. Verwissel je ze, dan dient een zending die in entrepot hoort als IMA, of een zending zonder vergunning inschrijving als ATO, en weigert DMS. Kies de soort op de vergunning en de bestemming, niet op wat de vorige zending was. Een opdrachtgever met entrepotvergunning krijgt een STO, een opdrachtgever met inschrijving in de administratie een ATO, en de rest een IMA. Die regel per klant voorkomt dat een declarant per dossier moet gokken.